Praktijk Postpartum

Hulp en ondersteuning bij somberheid, angst en stressklachten na een bevalling.

Ook bij postpartum depressie.

Zal ik me altijd zo voelen?

“Blijft dit altijd zo?” vraagt ze voorzichtig. Het is een dappere vraag. Er is maar één antwoord dat ze wil horen. Een antwoord dat haar perspectief kan geven en de moed om door te zetten. “Nee, zeker niet”, antwoord ik. En dat is ook echt een antwoord waar ik in geloof.

Deze moeder, met een postpartum depressie, kan zich niet voorstellen dat het ooit beter wordt. Dat maakt een postpartum depressie zo zwaar. De sombere en uitzichtloze gedachten en gevoelens zijn een symptoom van de depressie, maar zo voelt het niet. Het voelt als de werkelijkheid. De gedachte dat je je altijd zo zult blijven voelen, is gekmakend.

Een postpartum depressie is een ernstige aandoening. Tegelijkertijd is het een aandoening met een zeer gunstige prognose. De depressie gaat vrijwel altijd voorbij. Het is belangrijk om dat te horen, van naasten en ook van professionals. Door je hierin gesteund te voelen en goed begeleid te worden, kun je sneller herstellen.

Wanneer de depressie langzaam begint te verbeteren, ontstaan er steeds meer momenten waarop je weer even adem kunt halen. Soms is er zelfs heel kort ruimte voor een gevoel van plezier. In het begin zijn dat kleine, korte momenten. Juist het feit dat ze er zijn, laat zien dat het nog aanwezig is.

Het is een grote stap wanneer die momenten zich weer aandienen, ook al duren ze maar een fractie van een seconde. Een lichtpuntje. Schrijf ze op als dat lukt. Sta er even bij stil. Het wordt namelijk weer lichter, stap voor stap. En door dat proces hoef je echt niet alleen heen.

Een postpartum depressie gaat niet per definitie pas voorbij wanneer je kindje groter wordt, zelfstandiger is of wanneer je weer lange nachten maakt (al helpen die omstandigheden natuurlijk wel). Het kan ook voorbijgaan terwijl de omstandigheden nog rommelig zijn. Een postpartum depressie overkomt je. Je hebt er geen schuld aan. En hoewel er omstandigheden kunnen zijn die niet meewerken, is er niet één duidelijke oorzaak aan te wijzen.

Wat er wel is, is hoop. Ook als je die zelf nog niet kunt voelen.